Verhaal van Amir

Amir is pas twaalf jaar, maar moet toch elke ochtend met zijn vader de zee op om te vissen. In het begin was hij bang, als de smalle piroge op de golven danste.
Vroeger woonde Amir in het binnenland. Het ging goed met het gezin dat leefde van de veeteelt en groenteteelt. Maar toen er een periode van droogte aanbrak, leverde het land weinig meer op. Het gezin verkocht alles en vertrok naar de kust om met de visvangst in het levensonderhoud te voorzien.

Amir heeft nu geen tijd meer voor school, omdat hij immers s morgens op zee is. De dorpsjongens plagen hem vaak: H, jij komt toch uit het binnenland. Kun jij eigenlijk wel vissen?
Maar Amir heeft een goede vriend gevonden in Omar, ook een vissersjongen. De grootvader van Omar kan mooie verhalen vertellen over vroeger, vooral over de visvangst. Nog tot veertig jaar geleden zouden er zoveel vissen aan de Senegalese kust hebben gezwommen, dat je gewoon op het strand de vissen bij je voeten kon oprapen.
Maar toen kwamen de grote vissersschepen uit Europa, Rusland, Japan en Korea, en nu is de zee half leeg gevist. Daarom verliezen veel vissers hun werk en vertrekken naar Europa. Ze hopen daar geld te verdienen om naar hun familie te kunnen sturen. Ook Omars vader is in Europa.

Amir vraagt naderhand wel aan Omar of het wel allemaal waar is wat zijn opa verteld heeft. Ja, zegt Omar, en hij heeft nog niet alles verteld om jou niet te kwetsen.
Omar vertelt verder: De mensen in ons dorp denken dat de mensen die uit het binnenland komen, zoals jullie, ook ervoor gezorgd hebben dat er nu te weinig vissen zijn. Vroeger was er genoeg vis voor de mensen die hier aan de kust woonden. Die vis konden ze dan verkopen aan mensen in het binnenland en kregen daar groente, fruit en gierst voor terug. Nu verkopen ze de vis aan de vishandelaren, die de vis weer naar Europa of Azi exporteren. Voor de vissers zelf blijven alleen nog de minder goede vissen over, die de handelaren niet willen hebben.

Amir wordt een beetje verdrietig van dit verhaal: Ik wil niet eens visser worden! Ik wil graag naar school en leren hoe men het droge land zo kan beplanten dat het weer groen en vruchtbaar wordt. Maar mijn ouders zeggen dat wij allemaal moeten meewerken, omdat we anders te weinig vangen.
Gelukkig blijven Amir en Omar goede vrienden.

Missio Nederland, 2013 (Dit verhaal is overgenomen van Missio Zwitserland)